Kiezen uit 16, 7, 8, 58, 24, 32, 53, 108, 106 en 39

Facebook
X
LinkedIn
WhatsApp

Voor de workshop ‘Lambiek blenden’ bij geuzestekerij Oud Beersel selecteerden Gert Christians en productieverantwoordelijke Mats De Crits vooraf tien tonnen, waarvan wij er uiteindelijk zes moesten over houden voor de lambiekblend.

blenden van lambiek
Mats De Crits (links) en Gert Christiaens (rechts) tappen een vier jaar oude lambiek af om die mogelijk mee te blenden tot oude geuze.

Vat 16 werd op 13 oktober 2021 gevuld en was ondertussen mooi uitgegist, fruitig, licht zurig en droog. Het lambiekwort dat op 28 oktober 2021 werd gebrouwen en verdeeld over de tonnen 24, 32 en 53 toont reeds aan hoe verschillend die lambiek kan evolueren. 24 en 53 werden gemaakt door de zuidelijk gelegen kuiperij Saint Martin uit Lot-et-Garonne, 32 door de meer noordelijke kuiperij Taransaud uit de Cognacstreek. Nummer 24 lag op de onderste rij, is vrij volmondig en vineus; nummer 53 lag bovenaan en heeft een lichte vanilletoets net zoals in vat 32 van Taransaud. Uit de Cognacstreek komt ook vat 58 van Seguin Moreau, gevuld op 8 december 2021 en al zo’n 12 jaar liggend in Oud Beersel terwijl het voordien negen jaar lang werd gevuld met Châteauneuf-du-Pape-wijn.
Na de oude lambieken volgt het lambiekwort dat op 27 november 2024 werd geïnfecteerd en afgevuld op vijf vaten. Vaten 7 en 8 bevinden zich in de eerste vatengalerij. Nummer 8 lag op de tweede rij, waar het gemiddeld 1-1,5°C warmer is dan op de onderste rij waar nummer 7 lag en het verschil is merkbaar. 8 is duidelijk sneller vergist en complexer dan vat 7.

Oud Beersel
Of een ton onderaan of bovenaan ligt, maakt een enorm verschil in gisting en rijping.
Oud Beersel
Met een hevel wordt lambiek afgetapt uit een oud portovat.

In het tweede vatenmagazijn wacht ons een royale verrassing met vaten 108, 106 en 39 van Real Vinicola. Het zijn 70 tot 100 jaar oude vaten waarin Real Companhia Vinícola do Norte de Portugal de lokale Porto liet rijpen. De vaten werden destijds uitgevoerd naar Antwerpen, waar zij werden afgevuld en nadien werden opgekocht door lambiekbrouwers en geuzestekers. Deze tonnen geven wat meer aciditeit maar houden wel van lambiek, die er weliswaar wat sneller in roteert dan in de Franse wijnvaten. De donker goudkleurige lambiek van nummer 108 is enorm vineus, wat uitdrogend en heeft toetsen van een zachtzoetig oogstappeltje met niettemin een licht bittertje. Nummer 106, die eveneens uit de bovenste tonnen komt, is eveneens goudkleurig, maar iets wranger en droger en ook wat sappiger. 39 wordt uit de onderste vatenlaag getapt, geurt droog en licht wrang, maar proef fruitiger als nectarine en perzik en is wat plakkerig.

Oud Beersel
De 70 tot 100 jaar oude portovaten geven de lambiek een aparte toets.
Oud Beersel
Lambiek die een jaar in de oude portovaten heeft gegist en gerijpt oogt troebel en goudgeel.

Het verdict luidt uiteindelijk dat de lambieken van nummers 7, 58, 24, 32, 106 en 108 worden samengevoegd tot een blend die een meer complex beeld geeft met een licht bittertje, een fijne vanille-toets en uitdrogend in de nasmaak. Klaar voor hergisting op fles en samen te evolueren naar een harmonische oude geuze Oud Beersel.

Oud Beersel
Onmiddellijk na het ledigen wordt het lambiekvat grondig gereinigd.
Oud Beersel
Een gevulde lambiekton wordt voorzichtig geklonken om ze volledig leeg te maken.

Lees ook: Puzzelen met brouwsels, tonnen en ligplaatsen