Alternatief aangedreven bussen beter herkennen

Facebook
X
LinkedIn
WhatsApp

Gentse brandweerlui pionieren met internationale ISO-norm

Verschenen in Magazine Personenvervoer, nr. 1 januari 2019

Hoewel er in België nauwelijks bussen met alternatieve aandrijving rijden, volgt het openbaar vervoer er wel als eerste land wereldwijd de ISO 17840-norm. Hierdoor worden hybride bussen, elektrische bussen, gas- en waterstofbussen voorzien van eenduidige pictogrammen die de brandweer in een oogopslag informeren over de aanwezige alternatieve energiebron. Het ISO-project werd opgestart door twee Gentse brandweerlui en wekt internationaal interesse van onder meer busconstructeurs en UITP.

Tijdens Busworld 2015 stelden Tom Van Esbroeck en Kurt Vollmacher (Brandweerzone Centrum/Gent) een project voor om de aanwezigheid van alternatieve brandstoffen bij bussen beter zichtbaar te maken. Voor buitenstaanders is het onmogelijk om te zien of het een hybride, elektrische, gas- of waterstofbus is wanneer dit niet expliciet op het voertuig wordt vermeld. Bij eventuele busbranden is het evenwel van cruciaal belang dat brandweerlui weten welke energiebronnen aanwezig zijn en waar die zich in of op de bus bevinden. “Alleen zo kunnen wij de risico’s juist inschatten en de interventiestrategie daarop afstemmen. Wanneer wij niet weten om welke alternatieve aandrijvingsvorm het gaat, dreigen er gevaarlijke situaties, en dat ook voor brandweerlui. Elke alternatieve aandrijvingsvorm vergt immers een andere aanpak”, geeft Kurt Vollmacher aan.
“Elk aandrijvingstype vergt immers een specifieke tussenkomst. Bij elektrische, hybride en waterstofbussen moeten wij rekening houden met de hoge spanning wanneer wij bevrijdingsmaterieel inzetten. Bij bussen op gas wordt dat het gastype (LNG, CNG, LPG) met zijn respectieve eigenschappen evenals de richting waarheen de overdrukventielen kunnen afschieten”.

Belgische bussen worden bestickerd

Geruggensteund door de International Association of Fire and Rescue Services (CTIF) ontwikkelden Tom Van Esbroeck en Kurt Vollmacher de éénduidige en gestandaardiseerde ISO-norm 17840 die brandweerlui in een oogopslag informeert over de aanwezigheid van alternatieve energiebronnen. Tijdens het voorbije CTIF-congres in Brussel werd de ISO-norm 17840 voorgesteld en engageerden de federale overheid (als toezichthouder op de brandweerdiensten), de verschillende vervoersmaatschappijen (De Lijn, SRWT-TEC en MIVB Brussel) en de Federatie van Belgische Autobus- en Autocarondernemers (FBAA) zich ertoe om de ISO-normering toe te passen op alternatief aangedreven bussen. De Brusselse vervoersmaatschappij is alvast de eerste die de pictogrammen op ruime schaal heeft aangebracht op alle nieuwe, alternatief aangedreven bussen.
“Op de bussen komen eenvormige, internationaal erkende ruitvormige pictogrammen die aangeven om welke aandrijfvorm of combinatie van aandrijfvormen het gaat”, verduidelijkt Kurt Vollmacher. “In overleg met de busconstructeurs wordt voor elk bustype een beknopte steekkaart of ‘rescue sheet’ gemaakt met een tekening waarop de aanwezige energiebronnen, opslagtanks, circuits en belangrijke componenten zijn aangeduid. Ook vindt de brandweerman hierop aanwijzingen voor een efficiënte tussenkomst. Een derde element van de ISO-normering is een handleiding of ‘emergency respons guide’ met een risico-analyse van het voertuig en meer uitgebreide informatie om het incident aan te pakken”.

CTIF logo alternatieve aandrijving
De MIVB-STIB is één van de eersten die de pictogrammen op ruime schaal aanbrengt.
CTIF logo alternatieve aandrijving
Het pictogram wordt eveneens aangebracht op de achterzijde van de bus.

Modulair geconcipieerd en vlot aanpasbaar

De ISO-norm is overigens modulair geconcipieerd. Wanneer er dubbelgelede trambussen of nieuwe aandrijvingsvormen worden voorgesteld, kunnen wij nieuwe richtlijnen vlot integreren en toepassen. Dankzij de samenwerking met busconstructeurs en vervoerbedrijven is de ISO 17840-norm heel praktijkgericht opgesteld. De pictogrammen worden vooraan, achteraan en aan weerszijden aangebracht. Bij gelede bussen worden de pictogrammen bijkomend gekleefd op het achterste segment.
Omdat bij grote incidenten of bij moeilijk bereikbare locaties in de toekomst steeds meer een drone wordt ingezet, worden de pictogrammen ook aangebracht op het dak. Bij voorkeur wordt ook het voertuignummer of de letter-cijfer-combinatie van de Nederlandse kentekenplaat aangebracht op het dak. “Wij moeten evolueren naar een database waarin voertuignummers worden gekoppeld aan de respectieve alternatieve aandrijving. Het volstaat dan om bij een incident het voertuignummer te melden om meteen te weten welk voertuigtype het betreft zodat wij veilig en adequaat onze interventie kunnen uitoefenen”, stelt Kurt Vollmacher.
Tom Van Esbroeck raadt busbedrijven ook aan om bestaande voertuigen te bestickeren en de brandweer erover te informeren wanneer men het voertuigenpark uitbreidt met bussen op alternatieve energie of dieselbussen zou retrofitten en overschakelen op een ander type aandrijving. “Wanneer wij weten welke voertuignummers op alternatieve energie rijden en in welke brandweerzones zij rijden, verliezen wij geen kostbare tijd om uit te zoeken of het nu een hybride, elektrische bus, gas- of waterstofbus is. Wij raden ook aan om samen met de brandweer op geregelde tijdstippen een simulatie-oefening te houden opdat wij de bussen leren kennen. Het is alleszins ook belangrijk om chauffeurs en technici goed te informeren over die nieuwe technologieën en de daaraan verbonden risico’s”.

Overleg met Brandweer Nederland en UITP

Om de ISO 17840-norm ruimere, internationale bekendheid te geven, brengen de initiatiefnemers eerstdaags drie infobrochures uit die het project toelichten en aangeven waar en hoe je pictogrammen moet aanbrengen op bussen, vrachtwagens (bv. vuilniswagens) en brandweervoertuigen. De brochures zijn beschikbaar in Nederlands, Frans, Engels, Duits en Russisch. “Wij kijken alvast uit naar samenwerking met brandweerkorpsen in binnen- en buitenland en hebben hierover reeds positieve gesprekken gevoerd met Brandweer Nederland. Busconstructeurs scharen zich eveneens achter het project en hebben al diverse ‘rescue sheet’ opgesteld voor bepaalde bustypes en pictogrammen aangebracht op recent geleverde alternatieve bussen. Met de Union Internationale des Transports Publics (UITP) werken wij verder samen om openbaar vervoerbedrijven ertoe aan te sporen om de ISO 17840-norm te vermelden in hun aanbestedingen”, aldus nog Kurt Vollmacher.

Kurt Vollmacher en Tom Van Esbroeck Brandweerzone Centrum
Tijdens Busworld 2015 stelden Kurt Vollmacher en Tom Van Esbroeck van Brandweerzone Centrum (Gent) de handleiding en de steekkaarten voor die duiden op de alternatieve aandrijving van openbaar vervoer-bussen.
Volvo Hybrid Electric MIVB
De Brusselse vervoersmaatschappij MIVB-STIB is de eerste in België die haar voertuigen voorziet van zelfklevers die brandweerlui verwittigen van alternatieve aandrijving en de locatie van bijvoorbeeld elektrische hoogspanningsbatterijen.