Duurzaam en circulair brouwen tegen 2030

Facebook
X
LinkedIn
WhatsApp

Alken-Maes ambitieus met ‘Van boer tot bar’-project

Met een duurzame korte keten-aanpak en een ambitieus streven naar een circulaire economie, die ook aandacht heeft voor welzijn en maatschappij zet Alken-Maes met het ‘Van boer tot bar’-project in op klimaatneutraal ondernemerschap tegen 2030 in lijn met de ‘Brew a Better World’-strategie die moederbedrijf Heineken uittekende. Evident is het niet met één van de grootste mouterijen ter wereld in je bedrijf en een brede waaier aan speciaalbieren en alcoholvrije bieren.

De Nederlandse biergroep Heineken, waartoe Alken-Maes behoort, zet sterk in op ‘circulair brouwen’ en wil daartoe in 2040 wereldwijd volledig ‘net zero’ zijn wat betekent dat de totale uitstoot lager is dan of gelijk is aan de uitstoot die we uit de atmosfeer verwijderen met compensatiemaatregelen. Alles wat binnen de eigen onderneming wordt geproduceerd, de zogenaamde scope 1 en 2 van het Greenhouse Gas Protocol, mogen vanaf 2030 geen CO2 meer uitstoten. Het gaat dan voor scope 1 om uitstoot van energiebronnen die men zelf bezit of beheert; denk aan verwarmingssystemen, fossiele brandstoffen voor voertuigen en uitstoot van productieprocessen. Scope 2 handelt over indirecte uitstoot door energieverbruik, zoals aangekochte elektriciteit, stoom, warmte of koeling die door het bedrijf wordt verbruikt. Maar, een circulair en duurzaam verhaal reikt veel verder dan het louter klimaatneutraal ondernemen. Het gaat ook om sociaal en verantwoord ondernemen evenals om het creëren van gesloten kringlopen waarmee men de klimaatimpact kan reduceren. Kortom, een hele waaier van grote maar ook heel kleine projecten die daartoe bijdragen.

Alken-Maes Ania Coen
Ania Coen: “Het ‘2030 Brew a Better World’-programma van Heineken stelt een klimaatneutrale productie voorop tegen 2030 en een volledig klimaatneutrale werking tegen 2040”.

Brew a Better World-programma

“Heineken ontwikkelt sinds 2009 een duurzaamheidsstrategie die in 2021 leidde tot het ‘2030 Brew a Better World’-programma dat focust op ecologisch, sociaal en verantwoord ondernemen. Hierin wordt een klimaatneutrale productie vooropgesteld tegen 2030 en een volledig klimaatneutrale werking over de hele lijn tegen 2040”, licht Ania Coen, sustainability manager bij Alken-Maes, toe.
“Wij hebben die doelstelling ‘vertaald’ naar België vanwege de specifieke situatie. Wij beschikken hier over een eigen mouterij in Puurs-Sint-Amands (Mouterij Albert in Ruisbroek), brouwerijen in Alken en Kobbegem (Mort Subite) die naast pilsbier bekend zijn voor een breed aanbod speciaalbieren, de ciderproducent Stassen in Aubel en het Alken-Maes Service Center in Wellen”.
“Concreet houdt dat bijvoorbeeld in dat de eigen mouterij tegen 2030 klimaatneutraal moet zijn, omdat die binnen de scope 1- en 2-doelstellingen valt, terwijl een externe mouterij waarmee wij samenwerken dat pas tegen 2040 moet zijn. Een speciaalbierbrouwerij, en zeker een lambiekbrouwerij, vergt een totaal andere aanpak om het waterverbruik te verminderen omdat je nu veel meer moet reinigen dan in een brouwerij die uitsluitend pilsbier brouwt. Evenzo speelt het grote percentage retourverpakking daarin mee want flessen moeten gewassen worden”.

Alken-Maes Arvesta brouwgerst
In samenwerking met Arvesta telen al 95 landbouwers Belgische brouwgerst voor Alken-Maes. – Foto Alken-Maes

Duurzame korte keten

In de praktijk heeft Alken-Maes de duurzaamheidsdoelstellingen onder de slogan ‘Duurzaamheid van boer tot bar’ opgedeeld in vijf thema’s: duurzame korte keten, minder uitstoten, elke druppel telt (waterverbruik), van gebruik naar hergebruik, aandacht voor de maatschappij.
“Wij zetten al enkele jaren sterk in op een duurzame korte keten”, geeft Ania Coen aan. “Voor Cristal gebruiken wij reeds 42% Belgische gerst en die wordt ook gemout in Ruisbroek. Omdat er in België nauwelijks brouwgerst wordt geteeld, zijn wij in 2021 een samenwerkingsproject gestart met Arvesta (bij de consument bekend van Aveve). Aanvankelijk participeerden een tiental landbouwers uit Haspengouw. Ondertussen zijn er dat al 95 geworden en werken wij ook samen met het Pure Local-project dat door Belgomalt werd gestart in Waals-Brabant. Hierdoor is de gerstoogst regionaal meer gespreid en kunnen wij het risico op een slechte oogst door te felle regenval in een specifieke regio beperken. In het Pure Local-project focust men bovendien op regeneratieve landbouw die akkers weerbaarder moet maken tegen het klimaat. Om de bevoorrading van gerst te versterken, werken wij ook samen met een Franse coöperatieve die zo’n 200 landbouwers groepeert; Frankrijk is immers de voornaamste leverancier van brouwgerst. Wij streven ernaar om in 2026 met een duizendtal landbouwers samen te werken rond generatieve landbouw, samengeteld goed voor een teeltoppervlakte van 100.000 hectaren aan gerst”.

Alken-Maes Hoppecruyt
Benedikte Coutigny (’t Hoppecruyt) en Ellen Mertens (Alken-Maes) klinken met Cristal op de nieuwe hopvariëteit Hoppecruyt 1. – Foto Alken-Maes

Belgische hop, krieken en appelen

Naast gerst wordt 80% lokaal geteelde, Belgische, hop aangekocht en dat dankzij een samenwerking met ‘t Hoppecruyt uit Proven. Voor Alken-Maes en meer specifiek voor Cristal ontwikkelden zij de nieuwe hopvariëteit Hoppecruyt 1 die beter bestand is tegen extreme weersomstandigheden. Hoppecruyt 1 is een mooie aanvulling op de andere hoppen – Tsjechische Saaz, Belgische Saaz, Magnum, Northern Brewer en Brewer’s Gold – die men gebruikt voor Cristal.
De 90 ton Gorsem- en Kelleris-krieken voor Mort Subite Kriek Lambic en Oude Kriek Lambic komt dan weer integraal van twee fruittelers uit Gingelom en Sint-Truiden. Cidrerie Stassen koopt de specifieke appels die nodig zijn voor de productie van een roze cider aan bij landbouwers in de regio rond Aubel. Andere appelvariëteiten worden aangekocht in Noord-Frankrijk.
“Met een uitgebreide en goed gestructureerde duurzame korte keten-aanpak is Alken-Maes als grotere Belgische brouwerij heel onderscheidend”, stelt Ania Coen. “Voor kleinere brouwerijen is het wat eenvoudiger om zich te positioneren in die korte keten vanwege de kleinere volumes aan grondstoffen terwijl wij veel grotere hoeveelheden nodig hebben”.

Bruno Reinders Mort Subite
Voor het brouwen van Mort Subite Kriek kan brouwmeester Bruno Reinders rekenen op 90 ton krieken uit Gingelom en Sint-Truiden. – Foto Alken-Maes

Pionieren met Mouterij Albert

Vermindering van de CO2-uitstoot is een enorme uitdaging voor Alken-Maes. Wereldwijd is voor Heineken ongeveer 12% van de CO2-uitstoot afkomstig van mouterijen. Op Belgisch vlak gaat het evenwel om 84% omdat Mouterij Albert tot één van de grootste mouterijen ter wereld behoort met een jaarproductie van ongeveer zo’n 375.000 ton mout, omgerekend goed voor zo’n 10 miljard pintjes. Vanuit Ruisbroek wordt de mout verscheept naar een dertigtal landen waaronder Nederland, Mexico, Zuid-Afrika en Vietnam.
“Om de gasbranders die de CO2-uitstoot creëren te kunnen uitschakelen, wordt een nieuwe droger met een energie-eiland en een warmtepomp geplaatst die de energie van warme lucht overzet op water. Dat warme water komt terecht in een nieuw circuit zodat we die energie kunnen hergebruiken”, verduidelijkt Ania Coen. “Net zoals op de brouwerijsite in Alken, waar reeds 6.500 zonnepanelen liggen, gaan wij die ook plaatsen op de mouterij en gaan wij verder de restwarmte uit het productieproces recupereren en hergebruiken. Aanvullend zullen wij elektriciteit gebruiken die wordt opgewekt via twee nabijgelegen windturbines”.
“Niet alleen de vermindering van het energieverbruik is een uitdaging voor de mouterij. Ook de vermindering van het waterverbruik is cruciaal. Wij verbruiken nu 1,6 m3 water per ton mout, waarmee Mouterij Albert reeds het beste cijfer heeft onder de Heineken-mouterijen. Verschillende projecten moeten ons toelaten om tegen 2030 het waterverbruik verder terug te schroeven tot 1 m3 water per ton mout. Met de overschakeling naar een duurzame en klimaatneutrale site pionieren wij met Mouterij Albert in de wereld van de mouterijen”.

Alken-Maes afvullijn
Door een meer efficiënte baansmering van de transportbanden wordt het water- en zeepverbruik op de afvullijnen verminderd. – Foto Alken-Maes

Van 3,8 naar 2,6 liter water voor 1 liter bier

Vermindering van het waterverbruik is niet alleen cruciaal in de mouterij, ook in de brouwerijen is het een aandachtspunt. “Op dit ogenblik verbruiken wij bij Alken-Maes 3,8 liter water om 1 liter bier te kunnen brouwen”, rekent Ania Coen voor. “Dat is al een zeer mooi resultaat omdat wij naast pils een groot aanbod uiteenlopende speciaalbieren brouwen. De installaties in Alken moeten immers na elk brouwsel grondig worden gereinigd om onderlinge contaminatie te vermijden en om de kwaliteit van onze bieren te blijven waarborgen”.
“Bovendien komt daar de impact bij van Mort Subite met bieren van spontane gisting waarmee je uiterst voorzichtig moet omgaan bij het afvullen om infecties naar andere bieren te vermijden. Vergeet ook niet dat je er voor de productie van volledig alcoholvrije bieren – zoals Cristal 0,0, Affligem Blond 0.0 en Desperados Virgin 0.0 op vat – er angstvallig moet op toezien dat er nergens in de leidingen nog sporen van alcohol achterblijven waardoor je dat vooropgestelde 0.0-gehalte niet zou realiseren.
Niettemin hebben wij een zestigtal verbeterprojecten geïdentificeerd waarmee wij het waterverbruik in de brouwerij tegen 2030 kunnen verminderen tot 2,6 liter water voor 1 liter bier. Wij investeren daarvoor onder andere in een nieuwe flessenspoeler, schakelen over van tunnelpasteurisatie naar flashpasteurisatie en werken ook aan een meer efficiënte baansmering van de transportbanden in de bottelarij met een lager verbruik van water en zeep”.

Slimmer etiketteren

Om de vooropgestelde circulaire doelstellingen te behalen, wordt ook ingezet op tal van kleinere initiatieven die misschien niet meteen in het oog springen. Zo paste Heineken bierviltjes aan waardoor er 30 procent minder materiaal nodig is om deze te maken. “Bij Alken-Maes zijn wij bijvoorbeeld slimmer gaan etiketteren en hebben wij onder de slogan ‘One Size Fits All’ onze Grimbergen-etiketten aangepast. Enerzijds zijn wij overgeschakeld naar één etiket rondom de fles in plaats van een front- en rugetiket, anderzijds hebben wij de kleurselectie aangepast en gekozen voor vier standaardkleuren die op mekaar afgestemd kunnen worden. Hierdoor hebben wij het papierverbruik met 26% verminderd en besparen wij jaarlijks 83.000 m2 aan papier. Ondertussen bestuderen wij de mogelijkheden om zoveel als mogelijk gerecycleerd papier te gebruiken voor onze verpakkingen. Tegen 2030 moet 50% bestaan uit gerecycleerd papier”.
“Voor de etiketten ligt het moeilijker omdat wij hoofdzakelijk werken met retourflessen. In maart 2024 zijn wij voor Desperados zelfs overgeschakeld van een ‘one way’-fles naar een retourfles. Hierdoor kunnen wij Desperados volledig lokaal brouwen in Alken en bottelen in een herbruikbare fles”.
“Specifiek naar retourflessen toe worden wij voor de standaard Apo 33-fles geconfronteerd met een hoog percentage flessen afkomstig van kleine brouwerijen die verkeerde lijmen gebruiken voor hun etiketten waardoor de flessenspoeler verstopt. Het is een ernstig probleem voor veel Belgische brouwerijen”.

Alken-Maes tankbier zonnepanelen
Voor de vergroening van de logistieke keten wordt ingezet op de bevoorrading van grote horecapunten met tankbier. – Foto Alken-Maes

Tankbier koelen met zonnepanelen

Voor de vergroening van het transport om de schadelijke uitstoot van de logistieke keten te verminderen wordt niet alleen ingezet op elektrische voertuigen. Merkwaardig genoeg speelt ook het tankbier daarin een rol. “Eén tank van 1000 liter komt overeen met 20 vaten van 50 liter. Door een biercontainer te vullen met 150 hectoliter of 15000 liter en de horeca op die manier te bevoorraden, moet het niet verpakt worden in 300 gereinigde vaten van 50 liter en sparen wij ook heel wat ritten uit”, beklemtoont Ania Coen. “Bovendien hoeven horeca-uitbaters niet langer te sleuren met die zware vaten en moet het vat ook niet meer gewisseld worden op drukke momenten. Nog belangrijker is dat tankbier gemakkelijker kan worden getapt dankzij het in het bier aanwezige natuurlijk koolzuurgas. Het bier is ook verser en niet gepasteuriseerd. Cristal uit de tank getapt creëert voor aparte bierbeleving omdat je van het bier kan genieten alsof je het in de brouwerij uit de lagertank zou proeven. Het tankbier moet dan wel in gekoelde biercontainers naar de klant worden vervoerd. Een eerste, grootschalig, project met tankbier werd gerealiseerd in het Bosuilstadion van voetbalclub Antwerp, waar 25 tanks van elk 1000 liter werden geplaatst”.
In samenspraak met logistieke partner Hermos tekent Alken-Maes ook voor zero-emissie vervoer daarvan door vier elektrische vrachtwagens. Op één van de trucks werden bovenop de biercontainer zonnepanelen geplaatst die de koelinstallatie aandrijven en die ervoor zorgen dat de erin aanwezige 150 hectoliter Cristal gekoeld wordt vervoerd.

Maatschappelijk verantwoord

Verder zijn er nog tal van andere initiatieven waarmee Alken-Maes streeft naar een verduurzaming van zijn activiteiten en het creëren van een circulair economisch en maatschappelijk verantwoord ondernemerschap. Denk maar aan de introductie van herbruikbare bekers op evenementen, alcoholvrije bieren van het vat op festivals en in de horeca, het streven naar een 0.0-alternatief voor alle strategische merken tegen 2030, de herstelling van tapinstallaties en defecte vaten, het aanbieden van draf als kwalitatief veevoeder. Even goed wordt er bedrijfsintern gewerkt rond veiligheid, diversiteit en inclusie van werknemers. Die boodschap wordt ook naar de buitenwereld uitgedragen door initiatieven zoals Desperados Dance Club om een veilig uitgaansleven te creëren, ondersteuning van de Antwerp Pride-parade en het Brusselse Me-N-U-project (uitgesproken als Me-and-You) van Capital tegen jeugdwerkloosheid als mogelijke oplossing voor het personeelstekort in de horeca.

Verschenen in Bierpassie nr. 109, november 2025