Technologie ontdekken, aanpassen, investeren en stapsgewijs groeien

Verschenen in Magazine Personenvervoer nr. 3, juni 2021

Na een succesvol proefproject met twee elektrische bussen voegde Multiobus uit Tienen zopas tien exemplaren toe aan het voertuigenpark. “Dat betekent aanpassen van je organisatie en van je stelplaats evenals investeren in een betere elektriciteitsvoorziening. Maar, je moet ook weten welke klemtonen je wil leggen en waar je binnen enkele jaren wil staan want pasklare oplossingen zijn er niet”, stelt Olivier Van Mullem. “Je moet de technologie leren kennen en stap voor stap groeien”.

Het privé busbedrijf Multiobus uit Tienen startte in september 2017 met een pilootproject waarbij een elektrische lijnbus werd ingezet voor schoolritten in Tienen en Hoegaarden. “Dit project liet ons toe om de nieuwe technologie aan te leren. De stelplaats werd wat aangepast, er kwamen enkele laadpalen en wij zorgden voor groene stroom door plaatsing van zonnepanelen op het dak”, vertelt Olivier Van Mullem, ceo van Multiobus. “Na een jaar was het duidelijk dat wij die technologie echt wel konden uitrollen. Wij hebben toen twee elektrische bussen voor openbaar vervoerdiensten voor De Lijn ingezet. Hoewel wij wat technische hindernissen hebben moeten nemen, zijn de resultaten nog steeds bemoedigend. De twee bussen reden elk op drie jaar tijd 165.000 km wat veel meer is dan wij ons hadden voorgenomen. De rij-ervaring met deze bussen is zeker positief te noemen. Elektrisch rijden is op zich al comfortabeler rijden dan met een verbrandingsmotor: geen lawaaierige dieselmotor, geen schokkende versnellingsbak, geen stinkende dieselgeur meer en in de garage zijn er geen olievlekken meer. Bovendien zijn de nieuwe bussen nog sterk verbeterd op een aantal punten”.
Een grondige vergelijking tussen de exploitatie met diesel of elektrisch aangedreven bussen is alsnog moeilijk. Een echte evaluatie zal zich pas binnen enkele jaren manifesteren. “De inzetbaarheid is gelijkwaardig. Het aantal onderhoudsbeurten ligt wat lager omdat je met een elektrische aandrijflijn zit en je geen AdBlue moet tanken of al eens een dieselpomp en filters moet vervangen. Onderhoud lijkt dan wel geringer, de personeelskost ervoor is evenwel hoger. Naast mecaniciens heb je hoger geschoolde elektrotechnici nodig en die zijn eerder schaars omdat je naar verloning moet concurreren met andere bedrijfssectoren”, aldus Olivier Van Mullem.

Multiobus Olivier Van Mullem Ebusco
Olivier Van Mullem: “Je moet de zero-emissie technologie leren kennen en stap voor stap groeien”. – Foto Multiobus
Stroom van achthonderd zonnepanelen en elektriciteitsnet

Om de eerste twee bussen volledig groen te laten rijden, volstond de elektriciteit die werd opgewekt door 500 zonnepanelen. Ondertussen liggen er meer dan 800 zonnepanelen op de daken van de stelplaats, wat op jaarbasis volstaat om een vijftal bussen te laten rijden. “De energie die overdag wordt geproduceerd door de zonnepanelen wordt opgeslagen in Tesla-batterijen. Maar, de meeste energie komt toch vanuit het elektriciteitsnet”, nuanceert Olivier Van Mullem. “Daarvoor hebben wij een contract afgesloten voor levering van iets duurdere groene stroom omdat het plaatje van milieuvriendelijke en groene openbaar vervoerdiensten zou kloppen. Zelfs met één elektrische bus moet je aanvullend stroom afnemen van het elektriciteitsnet want in de wintermaanden is er te weinig zonlicht om echt op zonne-energie te kunnen rijden”.
Einde mei vervoegden tien Ebusco 2.2’s de vloot van Multiobus. Die vlootuitbreiding hield ook in dat de stelplaats moest worden aangepast. Zo werden er zes dubbele Heliox-laadzuilen van 60 kW geplaatst opdat de twaalf voertuigen ’s nachts en tijdens de langere stilstand overdag gelijktijdig kunnen worden geladen.

Multiobus Heliox
In de busgarage werden er zes dubbele Heliox-laadpalen geplaatst. – Foto Multiobus
Slim en efficiënt laden, is belangrijk

“Afhankelijk van de korte, middellange of lange termijnvisie moet elke ondernemer zijn stelplaats aanpassen om elektrische voertuigen zelf te kunnen laden. Wij hebben nooit geloofd in extra laadapparatuur langs het traject van een buslijn, ook al omdat onze bussen doorheen de dag op meerdere lijnen rijden. Wij hebben alleszins verder gekeken dan 2025, het jaartal waarin De Lijn van overheidswege elektrisch moet rijden in de Vlaamse centrumsteden (waaronder Leuven, Mechelen) en in de Vlaamse rand rond Brussel waar wij openbaar vervoerdiensten rijden. Wij gaan ervanuit dat wij met de huidige installatie de volgende tien jaren verder kunnen door slim te laden”, geeft Olivier Van Mullem aan.
“Slim laden is niet noodzakelijk de combinatie van ‘opportunity charging’ of snel laden met een pantograaf en langzaam laden of ‘overnight charging’ met een plug-in-systeem. Het gaat om het bepalen van de laadstrategie in functie van de inzetbaarheid van voertuigen en het beschikbare elektrisch vermogen. Wij hebben aanvullend op het plug-in-systeem voor de bussen een laadmethode met neerdalende pantograaf voorzien. Voor de ritten die wij rijden, beschikken de Ebusco’s over batterijen met voldoende capaciteit voor 300-400 km en in de nabije toekomst zelfs 500 km per dag. ‘Opportunity charging’ kan zeker interessant zijn voor echte stadslijnen waar bussen minder lange stilstanden hebben, maar in deze stelplaats rijden wij volgens een ander schema. Niettemin zullen wij het pantograafsysteem bestuderen en bekijken hoe wij traag en snel laden optimaal kunnen combineren”.

Multiobus elektrisch Ebusco Heliox
Na zijn dienst plugt de buschauffeur de stekker in en kan het landen van de batterijen starten. – Foto Multiobus
Ligging in industriezone is voordeel voor elektriciteitsbevoorrading

Dankzij de goede samenwerking met de Belgische netwerkbeheerder Fluvius konden de noodzakelijke werkzaamheden voor de elektriciteitslevering aan de stelplaats gerealiseerd worden in een tijdspanne van enkele maanden. “Omdat onze stelplaats in een industriezone ligt, is er sowieso al een groter elektrisch vermogen beschikbaar. Bovendien stond er al een hoogspanningscabine en volstond het om de capaciteit daarvan toekomstgericht tot achtmaal te verhogen. Administratief moesten wij nog wel de bijkomende laadpalen melden, maar dat verliep vrij vlot”, vertelt Olivier Van Mullem.
“Ligging en elektriciteitsnetwerk maken echt een verschil. In de zomer starten wij vanuit ons filiaal Atlas Cars in Luik een proefproject met één elektrische bus op lijn 57 tussen de luchthaven van Luik, het nieuwe MontLégia-ziekenhuis en het station van Luik-Guillemins. Bij Atlas Cars moeten er bijkomende elektriciteitswerken gebeuren om die bus te kunnen laden. Dat vergt meer administratie en tijd waardoor wij tijdelijk gaan laden bij andere bedrijven in de buurt. Wij beschouwen Luik als een interessant project omdat het een totaal andere exploitatie is dan in de ons vertrouwde Hageland, de landelijke regio Leuven-Tienen-Diest. Lijn 57 rijdt van ’s ochtends vroeg tot ’s nachts door de stad maar voert ook gedeeltelijk over de autoweg tegen een hogere gemiddelde snelheid. Wij kijken bijgevolg uit naar de resultaten van het project omdat het ons waardevolle informatie kan opleveren”.

Multiobus elektrisch
Hier, in het Tesla-batterijenpark, wordt de door zonne-energie opgewekte stroom opgeslagen. Daarnaast de 10.600 V hoogspanningscabine voor de afname van netstroom.
Organisatie evalueren en weten welke klemtonen je wil leggen

Overschakelen van twee naar twaalf elektrische bussen, en mogelijk nog meer in de toekomst, vergt een grondige voorbereiding. “Je moet de organisatie van je stelplaats evalueren en goed weten welke klemtonen je wil leggen”, zegt Olivier Van Mullem. “Wij hebben gedurende drie jaar geprobeerd om de technologie te ontdekken, cursussen gevolgd, geëxperimenteerd, gaan kijken bij collega’s en testen gedaan. Al die verzamelde informatie hebben wij gebruikt om te bepalen hoe wij onze stelplaats en onze werking gaan organiseren. Een pasklaar antwoord of een standaardoplossing bestaan niet omdat elk bedrijf anders is. Je moet jezelf daarom heel wat vragen moet stellen”.
“Ook moet je iedereen in je bedrijf ervan overtuigen om de stap naar elektrisch busvervoer te zetten. Eén van de voordelen van de Ebusco-bussen waarmee wij rijden, is dat de drempel voor de chauffeurs heel laag is. Die bussen lijken op recente dieselbussen maar zijn uiteraard veel beter”, knipoogt de ondernemer.

Multiobus elektrisch
Medewerkers en bezoekers worden geïnformeerd over de hoeveelheid door eigen zonnepanelen geproduceerde energie.
Weldra wordt hier een neerdalende pantograaf gemonteerd omdat men ook de ervaringen van snel laden of ‘opportunity charging’ wil ontdekken.
Durf anders te denken en schuif gewoonten aan de kant

Wanneer Olivier Van Mullem een gouden raad zou moeten geven aan andere ondernemers die de stap willen zetten naar een elektrisch aangedreven busvloot is het wel dat zij anders moeten durven denken. “Ga uit op onderzoek, volg cursussen, leer de technologie kennen. Doe alles stap voor stap, niet te snel en niet te veel in één keer. In eerste instantie kun je best leren wat het inhoudt om elektrische voertuigen op te laden. Ik rij zelf al bijna zeven jaar met een elektrische wagen en weet wat de voordelen en de beperkingen ervan zijn. Wanneer je die stap naar elektrisch zet, moet je wel bepaalde gewoonten veranderen. Dat geldt even goed voor de planning. Je plant best heel voorzichtig met mogelijkheden om kort op de bal te spelen. Maak echt geen te strakke planning”.

5 e-tips

Ontdek de technologie.
Ga kijken bij collega’s.
Overtuig je medewerkers.
Durf te veranderen.
Evolueer stap voor stap.

10 e-vragen

Ben je klaar om bij te leren over zero emissie mobiliteit?
Welke type voertuigen wil je elektrisch laten rijden?
Hoe snel wil je overschakelen op elektrische voertuigen?
Heb je al ervaring met zero emissie voertuigen?
Hoe groot is het beschikbare vermogen van de stelplaats?
Hoeveel kilometers rij je momenteel met je vloot?
Hoeveel kilometers denk je in de toekomst elektrisch te zullen rijden?
Wanneer en hoe lang staan je bussen in de stelplaats?
Hoeveel elektriciteit verbruik je in de stelplaats?
Wil je de bussen manueel laden met een plug-in of automatisch met behulp van een pantograaf?